Andere informatie en diensten van de overheid: www.belgium.be   

Lexicon

Economisch evenwicht:

Teneinde de publieke dienstverlening voor reizigersvervoer te verzekeren, is er bij de opening van de markt van reizigersvervoer de mogelijkheid voor Europese lidstaten voorzien om de toegang te beperken in bepaalde gevallen. Zo kan de toegang tot het spoornet voor een spoorwegonderneming die een nieuwe reizigersvervoersdienst wenst te exploiteren geweigerd worden indien deze nieuwe dienst het economisch evenwicht van het openbare dienstencontract zou in gevaar brengen.

Wanneer een spoorwegonderneming een nieuwe reizigersvervoersdienst wenst te exploiteren in België dient deze hiervan de Dienst Regulering te informeren aan de hand van een meldingsformulier (hier beschikbaar), en dit 18 maanden voor start van de dienstregeling waarin de spoorwegonderneming de nieuwe dienst wenst uit te voeren.

De Belgische staat, Infrabel en de NMBS hebben dan de mogelijkheid een “economisch evenwicht test” te vragen bij de Dienst Regulering, waarmee door middel van een objectieve economische analyse wordt nagegaan of de nieuwe vervoersdienst het economisch evenwicht van het openbare dienstencontract afgesloten tussen NMBS en de Belgische staat zou in gevaar brengen. Indien dit het geval is, kan de nieuwe dienst niet geëxploiteerd worden zonder de nodige aanpassingen. Indien er daarentegen geen impact is, krijgt de spoorwegonderneming toegang tot het spoornet en kan de nieuwe reigersdienst uitgebaat worden.

De wettelijke basis van deze bevoegdheid van de Dienst Regulering kan hier teruggevonden worden.

Toegang opleidingsinstellingen:

Treinbestuurders die op de Belgische spoorinfrastructuur willen rijden, moeten over de nodige kwalificaties te beschikken. Zij dienen meer bepaald een opleiding te volgen in een opleidingscentrum dat door de nationale veiligheidsinstantie (DVIS) erkend is, en voor het examen te slagen.

In België zijn momenteel 3 opleidingsscholen actief: één van NMBS, één van Lineas (Rail Training Institute) en één van Crossrail.

Door de liberalisering van het goederenvervoer en van het binnenlands passagiersvervoer kunnen ook andere spoorwegondernemingen in België circuleren. Om hen de mogelijkheid te bieden hiertoe over gecertifieerde treinbestuurders te beschikken, heeft de wetgever voorzien dat de erkende opleidingscentra zich voor derden dienen open te stellen. Zij mogen bij het verstrekken van hun opleidingen dus niet discriminatoir te werk gaan.

Evenmin mogen de prijzen die de opleidingscentra aanrekenen niet discriminatoir zijn. Elke deelnemer aan een opleiding moet dus eenzelfde prijs aangerekend worden voor eenzelfde prestatie. Bovendien bepaalt de wetgeving dat de prijs in verhouding moet staan tot de kosten van de dienstverlening. De prijs mag evenwel een winstmarge bevatten.

Aangezien de voorwaarden inzake non-discriminatoire toegang en de prijssetting aspecten van economische regulering zijn, is de Dienst Regulering bevoegd om via een controleopdracht na te gaan of de erkende opleidingscentra hieraan voldoen.

Hernieuwing exploitatielicentie:

De exploitatielicentie, dit is de vergunning die voor onbepaalde tijd wordt afgeleverd aan een exploitant om Brussels Airport uit te baten, dient in bepaalde gevallen te worden vernieuwd.

De regelgeving somt de situaties op waarbij de uitbater van de luchthaven bij de Dienst Regulering een verzoek tot hernieuwing moet indienen. Meer bepaald gaat het om wijzigingen aan de vennootschap van de licentiehouder zelf, zoals een wijziging van de controle, een fusie, een splitsing, of een overdracht van de licentie zelf.

Het verzoek tot hernieuwing moet bij de Dienst Regulering worden ingediend alvorens de operatie zal plaatsvinden.

De Dienst Regulering onderzoekt vervolgens de aanvraag tot hernieuwing aan de hand van bepaalde criteria die door de regelgeving voorzien worden. Hij kan hierbij nog bijkomende informatie aan de exploitant opvragen.

Binnen 20 werkdagen na de indiening van een volledig dossier door de licentiehouder vaardigt de Dienst Regulering een advies uit aan de Minister van Mobiliteit, met een voorstel om al dan niet over te gaan tot de vernieuwing van de licentie. De Minister dient binnen de 80 werkdagen vanaf de indiening van het dossier een finale beslissing te nemen.

Indien de vernieuwing wordt toegekend, dan wordt deze bekendgemaakt bij Koninklijk Besluit. Indien de vernieuwing wordt geweigerd, dan wordt de exploitant hiervan geïnformeerd. Indien er binnen de 80 werkdagen geen beslissing wordt genomen, dan wordt de licentie automatisch hernieuwd.

Herziening exploitatielicentie:

De Dienst Regulering kan de Koning adviseren om bepaalde voorwaarden van de exploitatielicentie van de uitbater van Brussels Airport aan te passen of om bijkomende voorwaarden op te leggen indien hij meent dat de bestaande voorwaarden van de licentie ondoeltreffend zijn.

De regelgeving voorziet een aantal redenen waarom de bestaande voorwaarden van de licentie niet langer geschikt zouden kunnen zijn.

De uiteindelijke beslissing om de licentie te herzien wordt door de Koning genomen na overleg met de luchthavenexploitant.

Deze laatste kan trouwens zelf ook om een herziening van zijn exploitatievoorwaarden bij de Dienst Regulering vragen. De Dienst Regulering vaardigt dan binnen een termijn van 20 werkdagen na de indiening van een volledig dossier een advies uit aan de Minister van Mobiliteit, die finaal beslist over de herziening van de licentie.

Indien de herziening wordt toegekend, dan wordt deze bekendgemaakt bij Koninklijk Besluit. Indien de herziening wordt geweigerd, dan wordt de exploitant hiervan geïnformeerd.

Intrekking exploitatielicentie:

De Dienst Regulering kan in een aantal wettelijk vastgelegde situaties advies verlenen om de exploitatielicentie van de uitbater van de luchthaven in te trekken.

In het geval van een ernstige tekortkoming dient de Dienst Regulering de licentiehouder eerst in gebreke te stellen en een termijn op te leggen waarbinnen de houder een einde moet stellen aan de situatie die aanleiding gaf tot de ingebrekestelling.

Indien de toestand niet is verholpen, legt de Koning een tweede termijn op om de gebrekkige situatie te verhelpen.

Indien na afloop van deze tweede termijn de situatie niet is verholpen, kan bij Koninklijk Besluit de uitbatingslicentie worden ingetrokken zonder schadevergoeding maar met een opzeggingstermijn. Hiervoor dient steeds het voorafgaandelijk advies gevraagd te worden van de Dienst Regulering.